Biomassaliteit was eerder dan biodiversiteit

Lieve kiezer,

Dit weekend een boek gelezen over Biomassaliteit. Het blijkt dat wij helemaal verkeerd aankijken tegen natuurbeheer. Je moet zorgen dat er gewoon veel is, biomassa, dan komt er vanzelf diversiteit. Een een soortje meer of minder is dan ook niet hét probleem. De ontwikkeling van nieuwe soorten gaat ook veel sneller dan we dachten. Én de meeste biomassa zit nu in gedomestiseerde soorten. Dus kuddes met koeien in plaats van kuddes met bizons. Je kunt alle biomassa maar één keer opvoeren, dus vandaar dat er nu wat minder wilde natuur is. Er zijn nu eenmaal veel mensen vandaag de dag. Maar het plaatst de mens met als zijn gedomestiseerde dieren weer een beetje ín de natuur.

Afijn, wat een verhaal. Laat nu net Bas Haring, in Trouw, dit weekend roepen dat hij het helemaal niet erg vindt dat er soorten verdwijnen. Daar heeft hij dan blijkbaar gelijk in. Maar nergens het woord biomassaliteit te bekennen in de krant. Wel veel reacties dat hij dat helemaal niet mag zeggen. Maar hij heeft gewoon wetenschappelijk gezien ook helemaal gelijk. Sinds de wetenschappelijke bril van biomassaliteit is uitgevonden, kun je dit rustig roepen.

Ik hoop maar dat Bleker het in Brussel ook op tijd erdoor krijgt, dit begrip biomassaliteit. Want hier is het natuurbeheer nog steeds geënt op soorten. Instandhoudingsdoelstellingen van de habitatrichtlijn. Hopeloos ouderwets. In de steentijd dachten ze er misschien net zo over, maar toen stierven er ook soorten uit bij bosjes. Omdat de biomassaliteit toen afnam, door komst van de mens, en door klimaatsveranderingen. Geen nood, echt niet, soorten herstellen zich heel snel. Als de biomassa, zoals algen en gras, maar veel is, en een tijdje stabiel, tussen twee ijstijden, dan komt er vanzelf variatie. Variatie is geen doel op zich. Er is uberhaupt nergens een doel op zich. Zo is de natuur.

In Ede worden nu 26 landbouwbedrijven bedreigt met handhaving op de natuurwetvergunning. En wat blijkt, die vergunning kun je niet krijgen, omdat er instandhoudingsdoelstellingen zijn. Dus die boeren zitten mooi in de rats. Laten we van Nederland gewoon een pilot maken voor Biomassaliteit. Wij zijn tenslotte een delta. Hier is veel biomassa. Veel nutrienten, vruchtbaarheid, voedsel om biomassa te vormen. Nederlandse natuurbeheerders denken dat soorten het goed doen op arme grond, in nutriëntenarme ecosystemen. We plaggen de hei dus bijvoorbeeld. En graven nieuwe natuur eerst af. Maar dat is in het kader van de biomassaliteit echt ONZIN.

Dus kappen met plaggen, en laat de biomassa lekker groeien. Niets, maar dan ook niets aan doen. Dat is natuurbeheer. Lekker wild. Laten gaan. Natuurlijk. Heerlijk. Ik droom er nu al van, van al die nieuwe soorten die we dan gaan evolueren. Nieuw nieuw, dat is pas echt “nieuwe natuur”.

Jan en Margo zijn het er ook helemaal mee eens, zij wandelen in het weekend graag in het bos. Ze snappen niet dat het halve bos kapot is gemaakt, in het kader van natuurbeheer. Jan en Margo vinden dat echt zonde.

Je Irene van de Voort, CDA lid te Lunteren, afdeling Ede. Ik klungel nog een beetje met deze site en al zijn gebruiksaanwijzigen. Komt ook goed.

 

Advertisements
This entry was posted in Biomassaliteit, Bleker, CDA, Jan en Margo, Landbouw, Natuur and tagged , , , . Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s